In een van mijn psychoses heb ik daadwerkelijk gedacht dat ik de buitenechtelijke zoon van Julio Iglesias was. Deze womanizer had met mijn Colombiaanse moeder het bed gedeeld en van de daad was ik het resultaat. In deze column reconstrueer ik mijn waangedachten en zal ik een verhaal vertellen over hoe ik me gedroeg. Het blijft natuurlijk raar en het  waren rare gedachten omdat ik in geenzins op hem lijk. Het is een gedachte waar ik me nu een beetje voor schaam. Toch schrijf ik het op, omdat het een te mooi verhaal is. Te mooi om waar te zijn…

Laat ik eerst een beetje duidelijk uitleggen waarom ik dacht dat ik een buitenechtelijk kind was. Dat is een combinatie van factoren. Ten eerste werd het me verteld door stemmen in mijn hoofd. Niet één keer, maar honderden, misschien wel duizenden keren. Je moet je voorstellen dat als het maar herhaald wordt, je het op den  duur wel gaat geloven. Ten tweede, ik heb een bijzondere opvoeding gehad. Anders dan mijn broer en zussen. Omdat ik het middelste kind was kreeg ik een bijzondere opvoeding. Deze twee redenen vormden de oorzaak dat ik het ben gaan geloven. Dan nu het verhaal.

In Bogota 25 op december 1993 zou ik ter wereld komen als buitenechtelijk kind van Julio Iglesias en Maria Agüero (geen familie van Sergio Agüero) luisterend naar de naam Gino. Mijn moeder was er logischerwijs bij aanwezig, mijn vader was alleen bij de daad aanwezig en liet mijn moeder in de steek. De geboorte verliep zonder complicaties. Ik was een gezonde jongen van 54 cm en 3400 gram.

Ik groeide liefdevol op bij mijn moeder. We hadden het niet breed. Mijn moeder was danseres en verdiende de kost met dansen. Dansen was naast werk ook een hobby. Mijn moeder danste het leven door. Jammer genoeg kreeg ze borstkanker toen ik vijf jaar oud was. Twee jaar later zou ze aan haar ziekte bezwijken. Dat had grote gevolgen voor mij. Omdat mijn vader spoorloos was en mijn moeder nooit maar dan ook nooit sprak over mijn vader, was ik ineens een weeskind en moest ik naar een weeshuis waar men mij kon adopteren.

Zo leerde ik mijn adoptieouders kennen en kwam ik in Nederland terecht. Bij een groot gezin. Ze hadden al vier kinderen en ik zou het vijfde kind worden. De jongste van de vijf. Mijn adoptieouders zijn altijd goed voor me geweest. Toch belandde ik in een groot en diep zwart gat. Ik had moeite me aan te passen en was daardoor wel eens een lastig persoontje.

Door problemen thuis en in mijn hoofd kwam ik in aanraking met de GGZ. Door mijn blowgedrag had ik veel last van stemmen. Psychoses dus. Mijn medicijn daartegen was alcohol. Door die lieve alcohol werd ik depressief. Mijn adoptieouders schrokken van het feit dat ik niet meer wilde leven. Eigenlijk had Nicolai dezelfde weg bewandeld als ik. Blowen en zuipen, het resultaat is therapie volgen bij de GGZ.

Het verschil was alleen dat ik (Gino) gedwongen werd opgenomen. Heb zelfs in het begin in een isoleercel gezeten. Zo’n cel is geen pretje, je wordt er knettergek van. Toen ik daar uit was en het programma volgde kwam opeens mijn biologische vader kijken. Hij had me op gespoord, omdat hij mij wilde erkennen. Ik had er niet zoveel zin in, maar was toch wel een beetje blij dat mijn vader kwam kijken.

De roddelpers draaide overuren. Krantenkoppen schreeuwde moord en brand. Het imago van Julio zou best wel een deuk op hebben gelopen. Er ontstond een heftige discussie over privacy in instellingen omdat RTL Boulevard stiekem opnames had gemaakt van mij in de inrichting. Mensen reageerden daar verontwaardigd over.

Door dit verhaal is Gino in mijn leven gekomen. Ik hoor hem nu af en toe nog steeds. Het is geen verkeerde jongen, maar hij zet me vaak aan het denken. Door zijn verhalen ben ik gaan zoeken naar alles wat te vinden was over mijn vader en mijn beroemde broers en zussen. Het is een heel verschil met het leven dat mijn ‘adoptieouders’ leiden. Als ik moest kiezen koos ik voor het leven wat ik nu heb. Ik ben er trots op om deel te mogen uitmaken van de familie Oosterveld.