Vrijdag 24 januari 2025

Vroeg opgestaan. Half acht precies. Het is vandaag de laatste dag van de werkweek en ook de laatste dag van de tweede sessie van mijn lichttherapie deze winter. Om kwart over negen moet ik bij de ggz zijn en dus heb ik tijd genoeg om Joppe uit te laten en nog een kop koffie te drinken. Wat ik ook doe.

Ik feliciteer Sonja (zij was afgelopen woensdag 59 jaar geworden) met haar verjaardag na haar begroet te hebben in de ontvangstruimte van de ggz.

         ‘Heb je je boek bij je?’ ze kijkt mij vragend aan. Tijdens de sessie lees ik graag. Momenteel lees ik ‘Friends, lovers en het grote, verschrikkelijke ding’ van Matthew Perry. Het gaat over de worsteling met het leven en verslavingen. Erg confronterend maar grappig opgeschreven. Ik ben op pagina 96.

         ‘Uiteraard’, lach ik. We lopen, ik met een milieuvriendelijk kartonnen bekertje met chocolademelk, de gang door naar het laatste kamertje aan de linkerkant van de gang. In de gang ruikt het muf. Alsof je hier niet wilt zijn. Onderweg praten we over haar verjaardag. Het was een rustige verjaardag geworden. Niet veel bijzonders. Eigenlijk heeft ze niets gedaan. Een dag later, op haar vrije dag, heeft ze gepadeld. Was naar eigenzeggen geen succes. Ik geloof dat niet.

Halverwege de lichttherapie die tot tien uur duurt komt Sonja de kamer binnen om een nieuwe beker chocolademelk te brengen.

         ‘Hoe gaat het?’, vraagt ze en ze zet het bekertje op exact de plek waar het stond.

         ‘Goed.’ 

         ‘Mooi. Ik laat je nu verder met rust’ en ze draait zich om en verlaat de ruimte.

Om klokslag tien uur wordt er weer op de deur geklopt. Het is wederom Sonja. Ze komt de sessie beëindigen. De lamp druk ik uit en de gordijnen doe ik weer open. Sonja knipt het licht aan in de ruimte. We praten na. Sonja voelt dat er iets met mij is. Er is ook wel iets met mij maar ik kan de vinger er niet goed opleggen wat het is. Ik zeg dat het goed met mij gaat.

         ‘Is Michiel weer beter?’, vraag ik. Ik weet het antwoord al omdat ik dezelfde vraag gisteren ook al aan Carina heb gesteld en toen een positief antwoord kreeg.

         ‘Ja die is weer beter. Hoezo?’

         ‘Ik heb vanmiddag een afspraak met hem’

         ‘Hoe laat?’’

’13:00 uur’

‘Leuk’

‘Dat moeten we nog maar zien’ Sonja moet lachen om dit antwoordt. We sluiten het gesprek af en wensen elkaar nog een prettige dag. Ik loop naar mijn fiets om naar huis te gaan.

In de middag loop ik altijd een klein uur met Joppe. Zo ook vandaag. Tijdens de wandeling vraag ik mij af wat de zin van mijn leven is, wat de zin van het leven überhaupt is en waarom het beeld wat ik in mijn hoofd heb niet strookt met de werkelijkheid. De antwoorden die ik geef op mijn vragen maken mij lichtelijk somber. Ook denk ik veel na over zelfmoord, ook omdat het onlangs met een kennis is gebeurd en een stem in mijn hoofd spoort mij iedere morgen aan om het te doen. Ik kan over zoiets uren, dagen, maanden nadenken. Die groep mensen fascineert mij. Het maalt continue door mijn hoofd. Het is misschien goed dat ik straks Michiel spreek. Maar ook andere onderwerpen, als mijn rijbewijs verlengen en wat ik vanavond ga eten en wat ik daarvoor in huis moet halen, passeren de revue. Joppe wandelt vrolijk door alsof er niets aan de hand is, doet zijn behoefte en probeert andermans behoefte op te eten. Het is mijn taak om dat laatste te voorkomen. Dat lukt half.

         ‘Er schuilt een filosoof in je’, zegt Michiel na mijn relaas te hebben aangehoord op zijn vraag hoe het met mij ging. Ik ben eerlijk en vertel Michiel dat het op zich goed gaat, maar dat ik ook veel bezig ben met zoals hij het noemt existentiële levensvragen. Het is een paar minuten over twee – ik had mij vanmorgen bij Sonja een uur vergist, de afspraak met Michiel stond om 14:00 uur in de agenda – en ik zit in de werkkamer van Michiel en luister naar Michiel die opstaat en naar een boekenkast voor mij rechtsachter in de werkkamer staat. Hij zoekt iets en ondertussen vertelt hij over de zin van het leven. Het boek wat hij zoekt om kennelijk aan mij uit te lenen, kan hij niet vinden.

Michiel vertelt honderduit over dat er boeken vol zijn geschreven over de zin van het leven, over filosofen en het geloof. Ik luister aandachtig naar zijn relaas en heb vaak het gevoel dat ik hem begrijp. De kern van zijn relaas komt op het volgende neer: niemand weet de zin van het leven en afleiding, met andere dingen bezig zijn, helpt om niet aan dit soort dingen te denken. Ik geef aan dat ik dat lastig vind. Wat verder ter sprake komt is de keuring van mijn rijbewijs. Ik moet documenten regelen. We regelen dit terpleken. En bespreken verder het wereldnieuws. Het gaat een keer niet over onze avonturen op de tennisbaan. Op een of andere manier kan hij mij geruststellen over wat er voor (dreigende) problemen voor de deur staan. Het helpt een beetje. Ook bespreken we het verder afbouwen van de olanzapine. We gaan naar om de dag een half tablet van 2,5 mg. Ik ben er blij mee.

Na het bezoek aan Michiel fiets ik meteen door naar Martin, mijn broer. Ik werk af en toe bij hem. Doe niet veel, drink vooral koffie. Hij vindt het fijn als er iemand naast hem zit als hij zijn werk moet doen. Sinds ik dit werk doe herken ik veel van mijzelf in mijn broer. We lijken veel meer op elkaar dan je denkt. Tis toch familie he. Vandaag heb ik pech, ik moet veel administratieve klusjes doen, het gaat tegen beter weten in goed. Als ik tegen zessen thuiskom laat ik snel Joppe uit. Hij doet een plas en wil weer naar binnen. Naar zijn voerbak. Ik vul deze en warm een pan hutspot op en zet de televisie aan. Tijdens het eten ratelen de deskundigen van RTL Boulevard door elkaar heen. Veel krijg ik niet mee. Na het eten ruim ik af en schrijf ik wat. Ook lees ik de rapportage van Michiel. Hij schrijft:

        ‘Gaat goed. Wel erg bezig met existentiële vragen nav suïcide van een bekende. Olanzapine van 1,25 mg per dag naar om de dag (zo/ma/wo/vr). Volgende stap als het goed gaat: STOP’.Ik schrijf verder aan mijn boek wat ondertussen bijna een hoofdpijndossier is. Opzich gaat het goed, het duurt alleen zolang. Op de achtergrond speelt zich op de televisie een talentenjacht af. De zoveelste. Zucht. Om elf uur loop ik de laatste ronde met Joppe en ga daarna slapen.